Afgelopen vrijdag maakte de Hoge Raad duidelijk -middels een arrest- dat de versoepeling van het ontslagrecht zijn grenzen kent. Persoonlijke omstandigheden gaan weer meetellen, liet de Hoge Raad weten. Ook het feit of je weer gemakkelijk of juist moeilijk ander werk vindt mag zwaar wegen in de ontslagvergoeding.

Deze jurisprudentie is de uitkomst van een zaak die een kapster aanspande tegen haar werkgever na een onterecht ontslag. De kapster werd zonder goede redenen na een overname ontslagen en zij liet er het er niet bij zitten.

Hoewel de ontslagvergoeding uit slechts enkele duizenden euro’s bestaat voor deze kapster is de uitspraak belangrijk. Vakbonden maakten zich al langer boos om de versobering en reageren nu positief. De uitspraak maakt een einde aan het goedkoop kunnen ontslaan van werknemers zonder dat werkgevers daarvoor een goede reden hebben. Naast de verplichte transitievergoeding van maximaal 76.000 euro (2017) spelen ook persoonlijke omstandigheden weer een zwaarwegende rol. Heeft een werkgever die een werknemer ontslaat geen goede ontslagreden dan kan de werknemer via de rechter een billijke vergoeding eisen. Die vele malen hoger kan uitpakken dan de transitievergoeding. De compensatie voor het niet genoten loon in de toekomst en het feit of je snel nieuw werk kunt vinden of juist niet worden in de hoogte van de vergoeding meegenomen.